De Verlichting en Franse Revolutie

Lezing over het “Orrery”planetarium ca. 1766 van Joseph Wright of Derby. Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Joseph_Wright_of_Derby#/media/Bestand:Wright_of_Derby,_The_Orrery.jpg

De verlichting of de ‘Eeuw van de Rede’ staat gekend als een filosofische strekking en periode die doorheen Europa een belangrijke invloed had op de politiek, de kunst en de wetenschap. Er is geen strikte start noch strikt einde, al zijn er mensen die de drukpers (Johannes Gutenberg vond deze uit in 1440) of de astronomische ontdekkingen van Galileo Galilei (1564-1642) als startpunt gebruiken. Courant wordt gesproken over de periode van de 17de eeuw tot 18de eeuw.

De verlichting wordt gezien als de periode die het Westers denken heeft gekenmerkt. Veel van onze hedendaagse principes vinden hier hun grondbeginselen zoals het feminisme, emancipatie, secularisering, liberalisme, socialisme en de vrijzinnigheid. Doorheen de periode hebben grondleggers zoals Descartes met ‘Cogito ergo sum’ oftewel ‘Ik denk dus ik ben’ en Spinoza met ‘The highest activity a human being can attain is learning for understanding, because to understand is to be free‘ de toon gezet. De wetenschap kwam tot bloei met het opkomen van empirische kennis en procedures, vrij onderzoek, het verwerpen van traditionele en religieuze autoriteit, … Cru gesteld was het algemene gedachtegoed voordien dat de mens van nature tot het kwade neigt en afhankelijk is van God (en bij verlenging hiervan, de vorst), maar de verlichting bracht de mens naar voren als van nature goed en autonoom.

Deze periode is gekenmerkt door verschillende grote figuren gaande van Händel, Mozart, Bach, Vivaldi in de muziek maar ook grote denkers zoals Hobbes, Newton, Locke, Paine, Spinoza, Montesquieu, Diderot, …

De ‘Declaration of Independence’ van de Verenigde Staten.
Bron: https://www.archives.gov/founding-docs/declaration-transcript

De ideeën verspreidden zich snel over heel Europa, Engeland en de Verenigde Staten. In de VS werd dit zelfs de grondslag van het land, met Thomas Jefferson die befaamd neerpende ‘We hold these truths to be self-evident, that all men are created equal, that they are endowed by their Creator with certain unalienable Rights, that among these are Life, Liberty and the pursuit of Happiness.—That to secure these rights, Governments are instituted among Men, deriving their just powers from the consent of the governed,—That whenever any Form of Government becomes destructive of these ends, it is the Right of the People to alter or to abolish it, and to institute new Government, laying its foundation on such principles and organizing its powers in such form, as to them shall seem most likely to effect their Safety and Happiness.” (United States Declaration of Independence, geschreven in 1776 en getekend op 4 juli 1776).

Een andere bekende denker is Kant, die de Verlichting als volgt stelde: ‘Verlichting is het uittreden van de mens uit de onmondigheid die hij aan zichzelf te wijten heeft. Onmondigheid is het onvermogen zich van zijn verstand te bedienen zonder de leiding van de ander.’ In het kort ‘Sapere aude’ of ‘Durf je van je eigen verstand te bedienen’. Principes die we in het vrijzinnig milieu dan ook herkennen.

De eerste vermelding van vrij denken of vrijzinnigheid (zoals het in België bekend staat) is in een brief van William Molyneux, een natuurwetenschapper, aan de arts en filosoof John Locke. Molyneux noemde Locke een ‘candid freethinker’. Locke is een van de grote denkers van de Verlichting, met concepten zoals de scheiding der machten, geloofsvrijheid, promootte het klassiek liberalisme en beshreef de mens bij geboorte als een ‘tabula rasa’ of onbeschreven blad.

Portret van John Locke door Godfrey Kneller.
Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/John_Locke_%28filosoof%29#/media/Bestand:John_Locke.jpg

De verlichtingswaarden staan ook centraal in de waarden van de VUB en onze studententikoze tradities. Zo staat op de klak een driehoek, die staat voor de 3 waarden van de Franse revolutie: liberte, egalite et fraternite. De sterren zouden 6 punten hebben om te vermijden dat er 1 punt naar boven zou wijzen en er dus 1 superieur zou zijn (egalite). Men herkent deze principes ook doorheen verschillende zaken zoals de doop (een wedergeboorte waar iedereen gelijk staat), maar ook in de principes van het Vrij Onderzoek en het vrijzinnig humanisme. Studiekring Vrij Onderzoek en het BSGgtgv organiseren dan ook jaarlijks de Week van de Verlichting met activiteiten gestoeld op deze principes. Ook de vrijzinnige koepels zoals Unie Vrijzinnige Verenigingen (via de Mens.nu en het IMD) sponsort tal van activiteiten mee zoals de Briellevaart en het Zangfeest om dit gedachtegoed te promoten.

Uit de verlichting kwam het concept van een maakbare samenleving sterk naar boven. Ook de verhoudingen naar de gevestigde religieuze maar ook vorstelijke autoriteiten verschoven sterk. Het ancien regime (de politieke organisatie van het Franse koninkrijk) had zichzelf in de 18de eeuw ook niet populair gemaakt. De burgerij was niet tevreden met de privileges van de adel en clerici, de boeren waren ontevreden met hun feodale rechten, de voedselprijzen bleven toenemen ondanks economische groei met structurele hongersnoden tot gevolg, … Het zag er dus niet goed uit voor de Franse vorst Lodewijk XVI. In een poging de onrust te doen zakken probeerde hij tevergeefs hervormingen door te voeren maar beschimpte telkens een maatschappelijke stand mee. De grieven van de adel kwamen onder zijn vader Lodewijk XV al tot uiting, ruim 40 jaar voor de Franse revolutie. Destijds schreef Chateaubriand (politicus en schrijver) dan ook dat ‘de patriciërs zullen de revolutie starten, de plebejers zullen deze bekomen’.

Prent (burijn) in kleur, gegraveerd door Claude Niquet naar een tekening van Very en Girardet, met een voorstelling van de Assemblée des notables in Versailles op 22 februari 1787. Bron: https://nl.m.wikipedia.org/wiki/Bestand:Veny,Girardet-Niquet-_Assembl%C3%A9e_des_notables_1787.jpg

De ultieme klappen kwamen echter door het bankroet van de Franse staat in 1787. De staatschuld viel al bij al mee t.o.v. De andere buurlanden, maar de Franse vorst kon geen doortastende belastingshervormingen doorduwen zonder de toestemming van het Parlement. Voorstellen om de adel en geestelijkheid mee te doen bijdragen werden voorgesteld maar zouden nooit langs het (door de adel gezetelde) Parlement geraken. De onrust nam toe, mede door de Verlichtingsidealen, filosofen en politici die een nieuwe maatschappelijke orde wouden realiseren of haalbaar en nuttig achtten.

De Amerikaanse Revolutie die in 1776 de onafhankelijkheid van de VS van de Britse kroon bewerkstelligde had ook geen verwaarloosbare invloed. Het is een van de eerste republieken in de Europese leefwereld, gezien quasi alle staten destijds Koninkrijken of andere vorstdommen waren met uitzondering van o.a. de Republiek der Nederlanden. Frankrijk speelde hier ook een belangrijke ondersteunende rol in. Dit gaf een boost aan het concept van een Franse republiek. Zo schreef ook Rousseau zijn bekendste werk hierrond, ‘Du contrat social’ waarin hij pleit voor een republikeinse staatsvorm met macht bij het volk. Postuum werd hij hierdoor ook tot idool verheven.

Uitgeput door het gebrek aan oplossingen riep op 5 mei 1789 de Franse vorst een Staten-Generaal bijeen, waarbij de 3 standen (de clerus, de adel en de burgerij alsook boeren, ambachtslui en burgers) samen moesten komen. De adel en clerici vergaderden normaal op aparte vergaderingen en het is uitzonderlijk dat deze samen aan tafel moesten zitten. De 3de stand was bijkomend nog maar recent in het leven geroepen en betrokken bij de politiek op dusdanige manier, maar de adel weigerde zich uit te spreken over de telling per hoofd van deze groep. Er blijkt nood te zijn aan een verificatie van de volmachten, waarbij de adel en clerus beslissen dit apart te verifiëren. De 3de stand eist echter dat dit gezamenlijk gebeurt om toezicht te kunnen houden op het verloop van de controle.

Op 4 juni sterft de dauphin, de zoon van Lodewijk XVI en Marie Antoinette op 7-jarige leeftijd. De 3de stand start in de tussentijd gezamenlijke controle van de volmachten en enkele geestelijken en adelen vervoegen zich waardoor deze legitimiteit wint. Op 17 juni besluiten ze de 3de stand dan ook dat ze bijna de volledige natie vertegenwoordigen en roept zichtzelf uit tot de ‘Assemblée Nationale’ of nationale vergadering met 491 voor-en 90 tegenstemmen. Lodewijk besloot in volle rouwperiode dan ook om de Staten-Generaal tijdelijk te sluiten. Ze worden op 19 juni vervoegt door de 1ste stand (geestelijken) maar de adel blijft weigeren. De beslissing is echter gevallen en op 20 juni trekken ze naar de kaatsbaan (Jeu de Paume) waar ze in de ‘Serment du Jeu de Paume’ zweren niet uit elkaar te gaan voordat ze een nieuwe grondwet hadden gegeven aan het koninkrijk. Lodewijk weigert het concept van een Assemblée Nationale maar bezwijkt een week later en vraagt de andere standen om de vergadering te vervoegen.

Serment du Jeu de paume, le 20 juin 1789 van Jacques-Louis David.
Bron: https://fr.wikipedia.org/wiki/Fichier:Jacques-Louis_David_-Serment_du_Jeu_de_paume,_le_20_juin_1789-P67-mus%C3%A9e_Carnavalet-_0.jpg

De stroom versnelt dan ook plots. Mounier komt met de ‘Déclaration des droits de l’homme et du citoyen’, een tekst over de grondrechten en democratie. Deze wordt opgenomen in de Franse grondwet en ligt mede aan de basis van de Universele Verklaring van de rechten van de Mens van de VN alsook het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens van de Raad van Europa. Boeren en arbeiders blijven echter zonder adequate politieke vertegenwoordiging en vrouwen krijgen geen rechten. Ook slavernij blijft toegestaan in de koloniën met zelfs het strafbaar stellen van het streven naar het bevrijden van slaven. Het eigendomsrecht wordt ook tweemaal aangehaald in deze teksten en zou een onaantastbaar en heilig recht zijn, een weerspiegeling van wie en voor wie deze teksten waren, de bezittende klasse. Dit rechtvaardigde dan ook het geweld van de feodale klasse tegen de boeren en arbeiders alsook de slavernij.

De bevolking van Parijs lijdt honger en er worden door de koning verschillende troepen verplaatst en opgeroepen. Bijkomend wordt Necker, een populaire minister bij de burgerij en bankier, ontslagen, wat de burgerij onrustig maakte voor een potentieel complot tegen de Assemblée. De iostand breekt uit en verandert van aard. Een ‘Comité Permanent’ van de Assemblée Nationale besluit de macht over te nemen in Parijs en er een burgermilitie op te richten.

De ochtend nadien, 14 juli (de Franse feestdag) nam een deel van de revolutionairen de ‘Hotel des Invalides’ (een destijds een onderkomen voor ex-soldaten die hulpbehoevend waren door hun legerdienst) in en bewapenden zich daar. Ze trokken dan verder naar het fort van Bastille, een middeleeuws fort dat als gevangenis gebruikt werd, op zoek naar buskruit. Daar werden de 7 inwonende gevangen bevrijd. Dit werd de symbolische start van de Franse Revolutie, mede omdat de cel toewijzing gebeurde op basis van de stand van de gevangene (hoe hoger de stand hoe beter de cel). De bestorming gaf aanzet tot een gewapende opstand die zich snel verspreidde. De koning wou deze opstanden sussen en stelde Necker terug aan als minister. De burgerij kocht de wapens van de opstandelingen op en bewapende zo een burgermilitie, de ‘Garde Nationale’ die bestond uit vrijwilligers die rijk genoeg waren om belasting te betalen.

Prise de la Bastille door Jean-Pierre-Louis-Laurent Houel.
Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Bestorming_van_de_Bastille#/media/Bestand:Prise_de_la_Bastille.jpg

Een andere belangrijke maatregel was het aanpassen van de grondwet. Zo werd het feodale systeem ‘afgeschaft’ tegen 4 augustus 1789. De maatregelen zouden in hun geheel echter te weinig effectieve bijdragen hebben zonder veel effect op de onrust bij de boeren die al lang waren gestopt met het betalen van cijns (belasting in geld aan de heer van wie het land was). De Assemblée voorzag die landeigenaren met wetteksten die hen toch in de mogelijkheid stelden om hun rechten af te dwingen terwijl de burgers milities organiseerden tegen diezelfde landeigenaren. De Assemblée Nationale riep hiervoor de Krijgswet in: “allen die het volk opstoken tot geweld tegen eigendommen [..] worden vijanden van de grondwet verklaard. De Krijgswet is tegen hen van kracht.” Staat in het decreet van 6 juni 1790.

Er ontstonden verschillende fracties, met links de jakobijnen die reformistisch waren en pleitten voor algemen stemrecht, centraal de monarchisten die het koningshuis nog getrouw waren en rechts de aristocraten. Al snel ontspoorde de financiële situatie waarbij verschillende religieuze instituties geclaimd en geplunderd werden door de Franse staat. Lodewijk XVI probeerde Parijs dan toch maar te ontsnapen in 1791, maar werd ontdekt en teruggestuurd naar Parijs. Hij zwoer uiteindelijk de grondwet trouw in ruil voor een degelijke positie als hoofd van de uitvoerende macht en het schrappen van de artikels met betrekking tot de geestelijkheid. De meerderheid van het Assemblé mocht dan wel nog koningsgezind zijn, maar de arrestatie en het terugsturen van de koning was een grote klap voor zijn publiek imago.

‘Arrestation de Louis Capet à Varennes le 22 juin 1791‘; schets van Jean-Louis Prieur (musée de la Révolution française).
Bron: https://collections.louvre.fr/en/ark:/53355/cl020579150

Enkele weken later besloten de Oostenrijkse keizer Leopold II en de koning van Pruisen, Frederik Willem II, een verklaring te tekenen dat de Europese grootmachten dienden in te grijpen indien Lodewijk XVI in gevaar zou komen. Snel hierop viel Frankrijk echter Oostenrijk binnen, met het idee dat dit de financiële situatie zou stabiliseren en een gemeenschappelijke vijand voor het volk kon creëren. Een jaar later bleek dit toch wel een succes gezien de boeren en arbeiders weinig rechten hadden gewonnen en de strijd futloos begon te worden. Oostenrijk dreigde dan ook binnen te vallen om met bloed en macht de koning weer op de troon te helpen.

Tegen augustus 1792 besloten de Parijzenaren de burgemeester af te zetten en een ‘Commune Insurrectionelle’ op te richten om nieuw vuur te brengen binnen de arbeidersstrijd, een eerste stap tot een staatsgreep. Lodewijk probeerde te vluchten maar werd snel opgesloten. De Pruisisch-Oostenrijkse manschappen vielen Frankrijk binnen maar trokken zich vrij snel terug doordat de Russische dreiging naakte. In Parijs werd dan een Nationale conventie bijeengeroepen, waarbij de monarchie afgeschaft en de republiek uitgeroepen werd op 21 september 1792. Lodewijk XVI werd als burger Louis Capet veroordeeld tot de doodstraf, met op 21 januari 1793 het vallen van zijn hoofd onder de guillotine.

De commune kwam echter snel in de problemen met meerdere herhaaldelijke opstanden die ze telkens met zware middelen uiteensloegen. Deze periode werd dan ook gepast het ‘Schrikbewind’ genoemd. De onrust nam toe, met finaal een staatsgreep tegen de commune door een linkse factie binnen de Nationale Conventie. Robespierre, een van de spilfiguren werd samen met verschillende leiders terechtgesteld op 28 juli 1794. De burgerij nam dan de macht langzaam over, stelde een nieuwe grondwet in en stelde het eerste tweekamerstelsel op. Het leger moest afrekenen met de restanten van de voorgaande woelige periode, wat generaals zoals Napoleon Bonaparte de kans gaf om meer macht te vergaren. De burgerij bestond meer en meer uit royalisten en pleegde tegen 4 september 1797 een staatsgreep. Het duurde niet lang voor Frankrijk bankroet was terwijl Frankrijk door andere grootmachten bedreigd werd. Uiteindelijk greep Napoleon Bonaparte dan ook de macht, waardoor de periode van de Franse revolutie echt ten einde was.

Keizer Napoleon I (circa. 1804-1815) door Jean-Auguste-Dominique Ingres, 1806.
Bron: https://www.worldhistory.org/image/17571/napoleon-i-on-his-imperial-throne/