De symbolische ‘eerste steenlegging’ van de doopzaal op 8 oktober 1997. Foto uit het artikel van de Krant jaargang 5 nr. 2.©Archieven CAVA
Wat is de doop?
De doop is een initiatiek ritueel dat moeilijk in woorden te omschrijven valt. Elkeen dat heeft deelgenomen kan beamen dat geen woorden de eigenlijke ervaring kunnen vatten. Verschillende steden kennen verschillende dooptraditites, maar zelfs binnen steden verschillen de gewoontes tussen verschillende verenigingen. . De meest befaamde dopen aan de VUB zijn de facultaire dopen. Deze zijn niet altijd hetzelfde geweest en ondergingen verschillende veranderingen over de jaren, met pas in de afgelopen decennia het ontwikkelen van een relatief homogeen karakter. De regionale verenigingen dopen eerder zoals dat in andere studentensteden de gewoonte is, wat in tegenstelling tot de facultaire verenigingen, niet naakt is. Verder zijn er nog enkele verenigingen op de doop die een speciale of afwijkende doop kennen zoals Bierkultuur, SWAMP en Boves Luci Bruxellensis.
De facultaire doop kan men het best omschrijven als een vuil naakt toneelstuk dat plaatsvindt in de Bunker aan aula Q (tot en met 2024 in de witte tent). De doopmeester schrijft met zijn comité een verhaal dat uitgewerkt wordt in een aantal scenes. Het verhaal is meestal ludiek en wordt (bij de betere doopmeesters) doordrenkt van vrijzinnige referenties en een algemene kritische blik op de actualiteit (alsook enkele sappige roddeltjes). De kring zal dan enkele weken voor de doop knutselen om het toneelstuk toch iets van kwaliteit te geven. Bij GK en FK knutselen de schachten mee met het bestuur om een onderlinge band te vormen.
Eenmaal de dag van de doop aangebroken en na menig uren oefenen op de scenes (met uitzondering van SK die alles de dag zelf doet), worden de schachten in het schachtenkot gebracht. Daar horen ze zich uit te kleden en worden ze tot de start van de doop entertained door hun temmers of het doopcomité (kringen die zonder temmers werken gebruiken het doopcomité hiervoor). Alle (bestuurs)leden die het podium opgaan, gaan ook uit de kleren. Eenmaal het startschot gegeven voeren de schachten hun toneel op. Elke doop heeft een publiek, bestaande uit enkel gedoopte mensen. Men dient m.a.w. een klak en labojas te bezitten om binnen te mogen. Tijdens de doop smijt het publiek met clash, een mengsel van bietenpulp, methyleenblauw etc. naar de schachten op het podium.
Wat is de betekenis achter het dopen?
De doop wordt gezien als een wedergeboorte. Zoals een mens naakt wordt geboren, zo ook ondergaat men de doop naakt. Voordat de schachten gedoopt worden trekken ze dus hun kleren uit, worden ze gedoopt met clash, waarna ze na de doop hun nieuwe kleren aantrekken: hun klak en labojas. Op deze manier worden alle schachten ongeacht de socio-economische achtergrond gelijkgesteld. Elke aanwezige is nu commilito. Men kan hier de gelijkenis zien met de christelijke tradities, al is hier het doopwater vervangen door clash. Vermoedelijk is dit dan ook een zekere parodie op de kerkelijke tradities. De doop heeft als voornaamste doel om schachten uit hun beschermd milieu te halen en de sociale cohesie te bevorderen.
Deze wedergeboorte deelt men namelijk niet enkel met de medeschachten maar ook met de andere gedoopten, om zo en band te scheppen over generaties en affiliaties heen. In die zin is elkeen dat het proces onderging, ondergaat en zal ondergaan als gelijke herboren. Elke doop heeft een publiek bestaande uit enkel gedoopte mensen. Men dient m.a.w. een klak en labojas te bezitten om binnen te mogen. Op deze manier zijn er enkel mensen die dezelfde ervaring delen in de zaal en hernieuwt men de onderlinge band. Na de doop heeft men het recht om een klak te dragen verdiend. Bekijk zeker ook eens de folkloristische richtlijnen voor meer info.
De vraag van het naakt dopen is ook vaak aan bod gekomen. Zo vertelt Gerlant, prosenior van GK over een gesprek met zijn toenmalige doopmeester: “ik herinner mij heel heftige discussies over “functioneel naakt”, die tot diep in denacht doorliepen. De zogenaamde achtergrond van het dopen was dat je herboren wordt. Dat moest dan natuurlijk grotendeels naakt zijn. Maar Bart had daar als doopmeester in zijn scenario een probleem mee: het naakt kon alleen als het functioneel was in het scenario. Er werden dus urenlange discussies gehouden over functioneel naakt met bijvoorbeeld Steve Plovier die zei: “Ja, maar dan is het gewoon naakt, punt”. Waarop Bart zei: “Nee, nee, we mogen dat niet doen, de schachten mogen niet vernederd worden, enz.” Enfin, we zijn eruit geraakt, hij heeft gelijk gekregen. Het ging alleen functioneel naakt zijn. Op de eerste bijeenkomst waarop de schachten toelichting krijgen over het scenario en het decor moeten schilderen, legt hij dat aan hen uit. Die schachten reageerden daarop: “Functioneel naakt? We gaan toch gewoon naakt, want anders zijn we niet gedoopt!” Dus, weg discussie over het vernederen.Soms neemt het een rare wending.“
Hoe veilig zijn de dopen?
De dopen verlopen aan de hand van een over 20 jaar uitgewerkt protocol, wat het een vrij vlot en relatief professioneel proces maakt . Ze vinden plaats op de VUB Main Campus in de Bunker. Elke facultaire kring stelt 1 persoon aan (meestal een oud-doopmeester) om deel te worden van het Facultair Convent (FC). FC staat in voor de organisatie van de dopen zijnde verzekeringen, doopabonnementen, materiaal, opkuis en opbouw, boetes etc. Vanuit FC wordt er dan ook toegekeken dat alle materiaal, bewaking etc. voldoet aan de eisen. Ze komen ook tussen indien er problemen zijn en delen boetes uit indien de voorwaarden niet worden nageleefd. Regionale verenigingen kennen een heel andere dooptraditie die eerder trekt op die van andere studentensteden. Ook zij kennen een overkoepelend orgaan, het Regionaal Convent, dat toeziet op hun dopen.
Al het materiaal wordt afgetaped en gecontroleerd. Er is ook een interne security (vanuit de kringen) die de toeschouwers op voorhand fouilleert opdat er geen opname materiaal de zaal binnenkomt alsook externe security die de omgeving mee bewaakt. Elke commilito dient met klak en labojas te komen. Op deze manier bouwt men een veilige omgeving voor allen. Het goedje waarmee schachten vuil worden gemaakt bestaat uit een mix van bietenpulp, bloem en methyleenblauw. De keuze van methyleenblauw kent verschillende verklaringen. De voornaamste zou zijn dat dit van de ULB komt, waar ze manieren zochten om schachten langer vuil te houden op een veilige manier. Mehtyleenblauw is op dat vlak een goede keuze aangezien het ontsmettend werkt.